0
Browsing Tag

prematuur

Mama Persoonlijk

De angst van mijn leven

Vandaag wilde ik jullie even meenemen naar anderhalf jaar terug. Jullie weten onderhand wel dat bij ons alles wat sneller ging dan origineel gepland. Even slikken en schakelen dus. Wat eerder zwanger dan gepland en ook een paar maand eerder getrouwd. Daarbij kwam ook nog eens dat ik niet op de geplande tijd beviel. Voor de nieuwelingen; hier lees je alles rondom de geboorte van Rosemarijn.

Goed…nu iedereen er weer helemaal in zit (lees gewoon het hele bevallingsverhaal even to freshen up your memory) kan ik gaan vertellen.

Anderhalf jaar terug (morgen om precies te zijn) werd onze dame geboren. Natuurlijk zweefde ik direct op een roze wolk en was al het nare vergeten. Toch? Fout. Iets wat ik miste op het moment dat Rosemarijn geboren werd, was dat eerste contactmoment tussen mama en baby. Ze werd wel even op mijn borst gelegd, maar ik kreeg er weinig van mee. Het was ook erg kort, omdat ze direct gecontroleerd moest worden op ademhaling, enzovoorts. Het zal amper tien seconden zijn geweest dat ik haar op me had liggen en voor ik het wist, was ze verdwenen, met de verpleegkundige en manlief. Natuurlijk was alles een waas en moest ik nog bijkomen van de hele bevalling en het feit dat we nu een kindje hadden. Prachtig! Echt heel mooi, maar tegelijkertijd eng!

Die avond zat ik boordevol adrenaline en kon ik de hele wereld aan. Maar de volgende dag sloeg het allemaal om.

Zondag 8 oktober. De dag dat het bij mij al helemaal verkeerd ging. Ik lag in het ziekenhuis, een drukke en onderbroken nacht achter de rug. Als nieuwe moeder was het allemaal erg overweldigend. Een baby die drinken moest, maar niet drinken kon, het kolven, voeden, knuffelen en het feit dat dit kleine wezentje nu mijn (en Augustijns) verantwoordelijkheid was. Ik denk mede door dit alles, in combinatie met dat het hele verhaal (2017 was echt ons jaar: verloofd, zwanger, getrouwd, bevallen) ontzettend snel was gegaan, dat het verkeerd ging. Ik kreeg vreselijke angsten. Doodsangsten. Die had ik tijdens de bevalling en die gingen niet meer weg. Letterlijk doodsangsten. Bang dat ik sterven ging, bang voor het einde van de wereld. Angstig voor wat me dan te wachten zou staan. De dagen en weken in het ziekenhuis kropen voorbij. Augustijn was weer lang en breed aan het werk en ik zat elke dag naast het bedje van ons wondertje. Van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat. Buiten was het koud, grijs en somber. Dit werkte extra heftig op de angsten die er toch al waren. Wind, regen, een grijze lucht: alles triggerde de angsten. Zo erg dat ik op zondagen (op die dagen was de angst vaak nog zwaarder) Augustijn vroeg om alsjeblieft niet naar de kerk te gaan, maar om bij mij te blijven.

Nu weten jullie dat het met Rosemarijn slechter ging zodra we thuis kwamen. Een huilende, krijsende baby, dag en nacht. Eigenlijk kon ik dat er helemaal niet bij hebben. Ik had al genoeg aan mezelf. Dus door de angsten en zorgen om Rosemarijn, verdubbelde mijn angst. ‘s Nachts werd ik trillend en zwetend wakker, doodsbang. Ik had nachtmerries. Ik dacht dat mijn einde nabij was. Dit heeft maanden geduurd. Ik heb er zelfs hulp voor gezocht bij psycholoog en natuurarts. Dat hielp wel enigszins, maar het ging niet helemaal weg. Ik bleef angstige dagen hebben. Dagen dat de regen mijn hart sneller deed kloppen. Dagen dat overvliegende vliegtuigen mijn adem deden stokken. Harde geluiden lieten me in tranen uitbarsten.

Heb ik dan helemaal niet kunnen genieten van het ‘kersverse mama zijn’? Natuurlijk wel. Er waren veel mooie momenten. Ik kon genieten op de momenten dat ik niet alleen was en als het buiten licht was, overdag, als de zon scheen.

En nu? Nu gaat het veel beter met mij. Er zijn nog steeds wel dingen die mijn hart sneller doen kloppen (ik ben echt geen fan van laag overvliegende vliegtuigen of straaljagers en hun geluid), maar die heftige angsten die me dag en nacht omringden, zijn gelukkig weg geëbd. Ik kan nu absoluut weer genieten van ons gezinnetje! Ik ben blij dat ik mijn dochter elke dag een stukje zie groeien. Dat is één van de voordelen van thuis-mama zijn!

Herkennen jullie je hier ook in? Hebben jullie angsten gehad tijdens je zwangerschap, tijdens of na de bevalling?

Baby Persoonlijk

Rondom Rosemarijns geboorte

Jullie vroegen mij wat persoonlijks te schrijven voor op de blog. Misschien kennen jullie het verhaal (gedeeltelijk) al, maar here it is…


De zwangerschap

De zwangerschap verliep soepel en we genoten met volle teugen. Het enige wat vervelend was, was dat ik best last van bekkeninstabiliteit kreeg. Daarom stopte ik met werken toen ik 28 weken was.
Toen ik bijna 31 weken zwanger was, kreeg ik last van nachtelijke weeën. Het waren vooral rugweeën, maar het trok ook wel door naar mijn buik. De verloskundige vertelde me dat er niets ergs aan de hand was; het waren maar oefenweeën en zolang ze niet erger werden of overdag ook doorgingen, hoefde ik me geen zorgen te maken.

32 weken

Het was een normale zaterdag, toen ik precies 32 weken zwanger was. We zouden in de ochtend wat gaan helpen bij de zus van mijn man; zij waren bezig met hun nieuwe huis verbouwen. In de middag zouden we een familieactiviteit doen. Die ochtend waren we allemaal druk in de weer in het huis van mijn schoonzus. Ik schilderde radiatoren met de rest van de familie, terwijl anderen bezig waren met wanden zetten op de bovenverdieping. Ik besloot even te rusten en wilde gaan zitten op een tuinstoel, maar de stoel kantelde en ik zakte bijna door de stoel heen. Met alle macht probeerde ik me omhoog te houden en gebruikte daarvoor veel van mijn buikspieren. Dit voelde ik meteen; het deed me erg pijn. Daarom (en ook om mijn bekkeninstabiliteit) besloot ik niet mee te doen met de familieactiviteit; een speurtocht over de heide. Ik bleef bij het eindpunt zitten wachten op de rest van de familie.

Toen begon het

Zoals alle voorgaande nachten kreeg ik die nacht weer weeën. Maar…die weeën stopten niet. Die hele zondag bracht ik in bed door, wachten van wee op wee. Ik ging zelfs nog even in bad zitten om te ontspannen en toen het die avond tijd was om naar de kerk te gaan, vertrok mijn man met zijn mobiel op zak (het zal wel niet nodig zijn, maar je weet nooit). Hij was nog geen half uur weg, toen ik besloot de verloskundige te bellen, omdat ik de weeën vervelend begon te vinden (geen baby onderweg, maar wel steeds pijn). Toen ze opnam, begon ze meteen te brullen: “Hoor ik je nu weeën wegpuffen? Blijf daar, ik kom er nú aan!” Nog geen 10 minuten later kwam ze binnen en zag ze dat ik 4 centimeter ontsluiting had. We appten mijn man dat we naar het ziekenhuis gingen, dus dat hij direct naar huis moest komen. In alle rust pakte ik een tas met spullen, want ik ging bevallen. Alsof dat niks was. In het ziekenhuis aangekomen, een half uur later, had ik al 8 centimeter ontsluiting. Voor de zekerheid kreeg ik nog weeënremmers, maar ze wisten wel zeker dat ik ging bevallen die nacht. Die nacht bleef het nieuws veranderen. Je gaat bevallen! Nee, toch niet. Ja! Nee! UIteindelijk leek het erop dat de remmers hadden gewerkt, dus bleef ik ze nog drie dagen krijgen. Ook kreeg ik longrijpers toegediend voor de baby. Ik moest in het ziekenhuis blijven met 8 centimeter ontsluiting en ongebroken vliezen. Op den duur mocht ik het bed niet meer uit om naar de wc te gaan; stel je voor dat de baby eruit zou floepen. Die hele week bleef het wel rommelen (mini weeën, niks serieus), maar uiteindelijk met precies 33 weken, op zaterdag, voelde ik toch weer wat opkomen. Ik werd aan de monitor gelegd, waar te zien was dat de hartslag van de baby steeds daalde. Ik belde mijn man die middag, dat hij maar moest komen, omdat ik het spannend vond. Het was iets zorgelijks, toch?

Om vier uur werd ik eindelijk een verloskamer ingebracht, waar de gynaecoloog toch even wilde checken. Ze was nog geen seconde bezig met mijn ontsluiting checken, toen ze zei: “Je hebt negen centimeter, ik ga nu je vliezen breken.” Op het moment dat ze het zei, deed ze het. Direct werden er weeënopwekkers aangesloten, want het werd wel wat spannender voor de baby. Een enorme weeënstorm begon en ik wist niet meer waar ik het zoeken moest. Ik dacht dat ik dood zou gaan en niemand kon me echt rustig krijgen. Ik gaf geen kik, maar was zó bang! Om 1 minuut voor half 6 verdoofde de gynaecoloog mij, voor het geval ik ingeknipt moest worden. Ik riep dat ik dat niet wilde, maar kreeg een perswee en…KNIP. De knip werd gezet en op hetzelfde moment werd onze Rosemarijn geboren. Ze werd even op mijn borst gelegd, maar ik had het amper door. Nog geen 10 seconden. Toen werd ze weggehaald voor controle. Een klein wezentje van 44 centimeter lang en 2210 gram. Ik dacht dat alles voorbij was, maar toen moesten de moeilijkste weken en maanden nog beginnen!

Zoveel pijn!

Rosemarijn moest 3 weken in het ziekenhuis blijven voor observatie, omdat ze soms vergat te ademen, als ze diep in slaap was. Verder was ze een ontzettend sterk meisje en zo nieuwsgierig! Toen ze precies 36 weken was (3 weken na de bevalling dus) mochten we haar meenemen. Wat waren we blij! Ik was het zat om 3 weken lang elke dag van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat naast haar bedje te zitten; alleen en moe, met regelmatige heftige angstaanvallen. En ik voelde me nu al falen aks mama, omdat Rosemarijn niet sterk genoeg was om bij mij te drinken en ik veel te weinig melkproductie had. Little did I know…the worst had yet to come.

11 dagen oud

Omdat Rosemarijn het verder zo goed deed, kregen we het advies van het ziekenhuis om gewoon alle gekolfde voeding op te maken, te blijven kolven zolang het ging en verder aan te vullen met flesvoeding. Dat deden we. Maar omdat ik zelf zo weinig voeding had, kreeg ze steeds meer flesvoeding. En hoe meer ze dat kreeg, hoe slechter het met haar ging. Ze huilde dag en nacht, krijste, overstrekte…We wisten ons geen raad. We probeerden van alles; meer warmte, meer huid-op-huid contact, een manueel therapeut…niks hielp. UIteindelijk kwamen we terecht bij een orthomoleculair therapeut. Die wist ons te vertellen dat Rosemarijns darmen te zwak waren voor deze flesvoeding. De voeding viel haar te zwaar. Hierdoor waren haar darmen ontstoken en had ze constant pijn. En hoe verder de dag vorderde, hoe erger de pijn en dus het huilen. Want naast de ontstoken darmen, was ze ook erg snel overprikkeld. En laat het nu net zo zijn dat ze alles wilde zien en horen, hoe moe en overprikkeld ze ook was! We kregen probiotica mee en moesten haar lichtverteerbare voeding geven, speciaal voor prematuurtjes. Dat na 3 maanden pijn en huilen.

Een ander kind

Bijna 1 jaar!

Toen Rosemarijn ongeveer 4 maanden oud was, zagen we niks meer van het zwakke, tere meisje terug. Wat een vrolijk meisje en wat wilde ze al veel! Als het aan haar lag, ging ze al staan. Liggen was voor baby’s en zij was die fase al voorbij. Haar hoofdje wilde al zoveel meer dan haar lijfje kon. Het leek alsof ze een enorme spurt maakte.
En nu is er niks meer te zien van de strijd die ze gestreden heeft.

Ons meisje, ons wondertje.


Mama Persoonlijk

Zou je dat nu wel zo doen?

Herken je het? De vragen die mensen je stellen over wat je met je kindje doet, op welke manier je het doet? Het maakt mij altijd zo onzeker. “Is dat niet veel te koud? Ze vat zo kou!” Ik ben een kersverse moeder (nou ja, nu ruim een jaar) maar ik trek het me nog steeds best wel aan als mensen mijn zorg zo in twijfel trekken. Ik voel me dan heel klein worden en begin snel te denken dat ik het helemaal niet goed doe, dat ik nog te weinig weet over het zorgen voor een mini mensje. Tja, misschien is het toch wel te koud. Ja, nee, ik weet het niet, misschien wel ja.

Nog maar één dag oud

“Nu al met hapjes beginnen? Joh, laat ze nog lekker van haar melkflesjes genieten.” Of “Geef je haar nu nog steeds elke dag twee flessen? Moet je nu onderhand niet gaan minderen dan?” Ik mag dan misschien een nieuwe mama zijn, maar ik ken mijn kindje het best. Jij kent jouw kindje het best. Ja toch? Jij voelt hem of haar aan, je zou nooit iets nalaten als je aanvoelt dat je kindje datgene juist nodig heeft. Ik merk dat oudere generaties vooral advies willen geven of zich afvragen of wij als moeders het niet anders moeten doen. Lastig vind ik dat, want ze hebben al zoveel ervaring meer dan ik, maar…dit is mijn kindje! Ik weet wat mijn kind nodig heeft. Iemand vertelde me een tijd geleden: “Zij hebben hun kans gehad, nu is het aan jou. Jij weet als moeder echt wel wat je moet doen of niet moet doen. Dus, als weer iemand iets in twijfel trekt (Is dat niet te koud?), trek het je niet aan, begin niet te twijfelen en word vooral niet boos. Zeg even niks, kijk naar de situatie, kijk naar je kindje en zeg dan luchtig: “Nee hoor, ik denk het niet. Maar bedankt voor je bezorgdheid.”

Bij mama was het toch wel heel fijn

De eerste drie/vier maanden van Rosemarijns leven waren voor ons heel erg stressvol. Na de drie weken in het ziekenhuis (ze werd uiteindelijk dus met 33 weken geboren en mocht met 36 weken naar huis) mocht ik van de verpleging gewoon kunstvoeding geven, geen probleem. Dus dat deden we. Met het kleine beetje moedermelk wat ik dagelijks nog gekolfd kreeg. Maar zodra dat minder werd en het meer en meer kunstvoeding werd, zagen we Rosemarijn achteruit gaan. Ze krijste dag en nacht, we kregen haar met geen mogelijkheid stil. We waren alle drie uitgeput en wisten het gewoon niet meer. Wat doet het toch vreselijk pijn om je kindje zo te zien en machteloos te moeten toekijken omdat je geen idee hebt wat er speelt. Ik ben er ontzettend onzeker door geworden en kon zelf ook niet veel meer hebben. Uiteindelijk zijn we bij een orthomoleculair therapeut terecht gekomen, die erachter kwam dat de voeding veel te zwaar was voor Rosemarijns darmen (door de stress rondom de geboorte waren haar darmen onderontwikkeld) en dat daarom haar darmen ontstoken waren. En hoe verder op de dag, hoe erger de pijn. Daarbij kwam dat ze een erg nieuwsgierig meisje was en alles wilde zien en horen. Je raad het al: overprikkeld. Dus aan het eind van de dag was ze helemaal op en kon ze dus de pijn van haar darmen niet meer aan. Er waren weinig dagen waarop ik niet verslagen en uitgeput op de bank zat te huilen met een huilende baby. Ik wilde geen hulp vragen, want als moeder moet je dit toch allemaal kunnen en weten wat je kind nodig heeft? De enige waar ik terecht kon voor mijn gevoel, was mijn eigen moeder. Daar kon ik even rusten, terwijl zij en mijn vader Rosemarijn een poosje verzorgden. Zij waren de enigen die me mochten helpen en vertellen wat ik nog meer kon doen of proberen. Andermans advies wilde ik niet. Dat voelde als falen. Dat deed pijn.

Toen we eindelijk wisten wat er aan de hand was en we daar een probiotica kuur voor kregen (helemaal natuurlijk, geen chemische medicatie) waren we opgelucht en kregen we weer hoop. Ze kreeg naast de kuur ook speciale lichtverteerbare voeding en opeens zagen we haar vooruit gaan! Een maand lang ben ik de deur niet uitgegaan en Rosemarijn dus ook niet. Toen ze ongeveer vier maand was en haar eerste hapjes mocht, was ze zo’n andere baby! Het leek wel alsof haar lichaam een enorme boost had gehad. Ze was zo vrolijk en leergierig, zo mooi!

Nu denk ik: Ik hoefde het helemaal niet zelf te doen, ik mocht gerust hulp vragen. Ik kon het allemaal nog niet weten, ook al voelde mijn lichaam aan dat er iets heel erg fout zat. Ook al deed mijn hart pijn en wilde ik alle verdriet en pijn van mijn dochter overnemen. Maar nu ik maanden verder ben, ken ik mijn meisje door en door. En weet je? Ik heb geen advies nodig. Het maakt onzeker, terwijl dat helemaal niet nodig heb. Ongevraagd advies, nee bedankt.

En even tussen ons…Ik moet zelf wel erg opletten dat ik zelf niet een ouwe moeke wordt en zélf ongevraagd advies geef. Want het is zo verleidelijk. Ik snap het ook wel van anderen; je doet het zo snel. Dus no hard feelings, maar deze mama kan het wel. Al doende leer ik het.

Hoe denken jullie hierover?