0
Browsing Tag

opvoeding

Mama Persoonlijk

Bemoeizucht rondom jouw manier van opvoeden

Een poosje terug schreef ik een blog over de brutale, vreemde, kwetsende en wonderlijke vragen en opmerkingen die jullie hebben gekregen tijdens je zwangerschap. Eigenlijk allemaal dingen die niet oké zijn om tegen iemand te zeggen, maar schijnbaar hebben mensen opeens een vrijbrief om alles eruit te flappen, als je zwanger bent. Dan moet je alles maar kunnen hebben ofzo.
Hetzelfde gebeurt eigenlijk als je kind geboren is. Ook dan voelt men de sterke drang om zich met werkelijk alles te bemoeien. Vertellen hoe iets moet, hoe iets niet moet of jouw manier van opvoeden in twijfel trekken. Ook daar hadden jullie geneog voorbeelden van. Voorbeelden waar niemand echt blij van wordt. Zeg nou zelf: jij hebt dit kind gebaard, jij beslist hoe je het kind opvoedt. Ja toch? En iedereen die daarover iets te zeggen heeft, kan maar beter de mond dichthouden. Het valt me op dat het vooral oudere mensen zijn, die kritiek hebben. Mensen die veertig jaar geleden kinderen hebben opgevoed. En dan denk ik: Sorry, uw beurt is voorbij, nu is het aan mij om een nieuwe generatie op te voeden. Ja toch? Lees maar eens mee wat men allemaal aangehoord heeft over alles rondom hun kind(eren)!

Je bent een slappe hap en dat zorgt voor onzelfstandige kinderen.
het zal je maar gezegd worden. Hoe brutaal! Wie zegt dat deze mama een slappe hap is? En waar is dat op gebaseerd? Omdat een moeder haar kinderen anders opvoedt dan jij het doet, zegt niet dat ze het niet goed doet!

Je volgt teveel de behoeftes van je kind.
Oh ja. Want we moeten de behoeftes van de kinderen totaal negeren. Vooral in de babytijd is het juist van groot belang dat je de behoeftes van je kindje volgt toch? Een kind geeft heel puur en basic aan wat hij of zij nodig heeft. En daar mag je zeker weten iets mee doen!

Ga maar naar een kinderpsycholoog, want je kind heeft een veel te sterk karakter.
Wat is er mis met een sterk karakter? Het zal zeker een uitdaging zijn hier en daar, maar het is toch heerlijk dat een kind heel duidelijk aangeeft wat hij wel of niet wil? Laat ze maar voor zich opkomen hoor. Want als we ze indammen, krijgen we straks de opmerking dat ze zwak zijn en nooit eens hun mond opentrekken. Het is nooit goed in de ogen van een ander.

Je kind slaapt nog steeds niet door? Je verwent haar teveel en kunt haar niet eens laten huilen.
Wie heeft het recht om te vertellen hoe lang je kind moet huilen? Wie zegt dat dát het probleem is? Misschien heeft het kind wel verlatingsangst of is het inslapen gewoon een probleem. Reken er maar op dat een moeder doet wat ze kan om haar kind goed te verzorgen en ook alles doet om haar kindje lekker te laten slapen. Ze zit niet voor haar lol elke nacht uren wakker met een huilend kindje.

Geef je kind geen vork om mee te eten, dat is veel te gevaarlijk!
Logisch. Tot je achttiende eet je alles met een lepel, want stel je voor dat je jezelf in je wang prikt. Moeders kennen hun kind: ze weten heus wel wanneer een kind het aankan om met een vork te eten. En…er bestaat niet voor niks kinderbestek!

Zo, jij laat er ook geen gras over groeien!
Deze mama kan niet spontaan zwanger worden en moet dus voor elke zwangerschap een ziekenhuis traject in. Een pijnlijke opmerking dus. Mensen zeggen zulke vreemde dingen, zonder na te denken over wat er bij iemand leeft…Denk toch eens na mensen!

Slaapt je baby nog niet door? Zet het bedje gewoon een nacht in de schuur. Dan leert je baby wel te stoppen met huilen ’s nachts.
In de schuur? Ben je gek geworden? Is jouw nachtrust zoveel meer waard dan de behoeften van het kind? Hoe weet je nu waarom een kind huilt? Misschien heeft de baby pijn, is het bang of heeft het mama gewoon nodig. Honger, niet kunnen slapen…dan is mama toch vaak de plek waar een kindje tot rust komt!

Wat dacht je van de volgende opmerkingen:
Wanneer stop je nu eens met borstvoeding? Je Kind wordt te groot. Kunstvoeding is ook prima hoor (Oké, maar ik wil borstvoeding blijven geven).
Ze kan niet bij jou in bed slapen, dan ga jij op haar liggen en daarbij wil ze dan nooit meer naar haar eigen kamertje.
Pak haar toch niet elke keer op als ze huilt!
Met vier maanden moet je echt beginnen met hapjes. Daar is je kind aan toe. (O ja? Ben jij de moeder van mijn kind? Ken jij mijn kind beter dan ik?)

Welke opmerkingen kreeg jij, waar je helemaal niet blij van werd?

Lifestyle Persoonlijk

Geloofsopvoeding: 4 dingen die wij toepassen

Zoals jullie misschien wel weten, zijn wij een christelijk gezin en willen ons geloof en onze standpunten hierin ook overdragen naar Rosemarijn. Hoe lastig is dat zeg! Want hoe maak je dat nu aan een kind van nog geen twee jaar duidelijk? Hoe verweef je de christelijke normen en waarden nu door de opvoeding heen? Je kunt maar een eind doen, maar wie zegt dat je kindje het begrijpt?
Misschien ben je zelf helemaal niet gelovig of heb je een andere religie. Mijn doel is dan ook niet om jou mijn geloof op te leggen in deze blog, maar om je te laten zien hoe wij proberen Rosemarijn mee te geven waar wij voor staan en waar wij in geloven. Lees je mee?

Bidden en danken

Al ruim voordat Rosemarijn geboren werd, hadden wij verschillende gesprekken om erachter te komen wat wij een geschikte manier vonden om te beginnen met kennis bijbrengen over het christelijke geloof. Want hoe doe je dat nu bij een baby? Die begrijpt er nog helemaal niks van. Wij besloten al heel vroeg te beginnen met bidden en danken voor het eten. We namen Rosemarijns handjes dan in de onze en hielden een hand voor haar ogen, terwijl wij de gebedjes hardop zeiden. Natuurlijk snapte ze er nog niks van, maar omdat dit voor ons een gewoonte is, vinden wij dat het belangrijk is dat ook ons dochtertje dit al vroeg meekrijgt. 

Lezen

Het is heel normaal om je kindje vanaf de geboorte al kennis te laten maken met boekjes. Boekjes met patronen, contrasten en kleuren, voelboekjes, knisperboekjes en herkenbare plaatjes. Daarom begonnen wij ook al vroeg, rond zes maanden, met Bijbel lezen. Van mijn tante kregen we een prachtige kinderbijbel die we na de maaltijd zijn gaan lezen. Elke pagina heeft prachtige, kleurige plaatjes en de verhalen zijn op een makkelijke, kinderlijke manier geschreven, waardoor het voor kinderen ook snel begrijpelijk is. Natuurlijk snapte Roos er nog niks van toen ze nog zo’n ukkie was, maar meer en meer ging ze zich concentreren op de plaatjes en zodra de eerste woordjes kwamen, brabbelde ze zo nu en dan een beetje mee. Nu weet ze tegenwoordig heel goed wat we lezen; de Bijbel hebben we nu al meerdere keren helemaal van begin tot eind gelezen. Ze wijst nu dingen aan op de pagina’s, zegt woordjes na en vraagt zelfs later nog dingen over het bijbelverhaal. De naam ‘Mozes’ bijvoorbeeld, is haar bijgebleven van één van de verhalen die we laatst lazen en hier en daar roept ze die naam overdag, of stelt ze op haar manier een vraag, waarbij je de hele zin niet verstaat, behalve ‘Mozes’ en haar nee-schuddende hoofd. Ik interpreteer dat dan maar als: “Dat is niet Mozes.” Bijvoorbeeld, als ze de naam weer roept en naar een foto van een baby wijst. 

Avondgebedje

Waar we ook vroeg mee zijn begonnen, eigenlijk meteen na de geboorte, is een avondgebedje, voor het slapen. Toen ze nog een klein baby’tje was, lag ze dan stil te luisteren met grote ogen, als wij het ‘Ik ga slapen, ik ben moe’ zongen. Nu vraagt ze er zelfs om, want ze is het gewend en ze vindt het fijn. Het zou dan ook verwarrend zijn als we het opeens niet zouden doen of als we het zouden vergeten. Ze heeft nog niet echt door wat we zingen, maar op deze manier bidden we voor en met haar, op een manier die bij haar past: zingen en muziek. Ooit schreef ik ook zelf een gebedje om te zingen in de ochtend, maar eerlijk gezegd vergeet ik dat steeds weer…

Gedrag naar anderen

Iedereen vindt het wel belangrijk dat kinderen zich netjes gedragen naar volwassenen en lief naar andere kindjes. Dat vinden wij ook. En respectvol gedrag naar ‘grote mensen’ en vriendelijk gedrag naar andere kinderen is ook iets wat van ons als christenen gevraagd wordt. Hoe je zelf behandeld wilt worden, behandel zo ook een ander. Niet dat het altijd lukt hoor! Soms neemt boosheid of verdriet het over en dan is het niet zo makkelijk om aardig te zijn. Maar dat moet door middel van de opvoeding steeds weer bijgebracht worden, terwijl we in ons achterhoofd houden dat wij ook nog vaak zat de fout in gaan.
Soms moet Rosemarijn toe gesproken worden over haar gedrag, soms passen we een straf (aangepast op haar leeftijd en persoontje) toe, om duidelijk te maken dat haar gedrag niet acceptabel is. En dat is elke dag weer een strijd. Niet alleen voor ons met Roos, maar voor elke ouder. Ja toch? Wanneer doe je het nu goed? Het is zo lastig. Voor iedereen. 

Heb jij speciale dingen die je door je opvoeding verweeft? Iets in verband met je religie of gewoon omdat je het belangrijk vindt? Laat het me maar weten! 

Mama

Opvoeden; een koud kunstje

Goed, opvoeden dus. Nee. Geen koud kunstje. Als niet-ouder kijk je zo gauw met opgetrokken neus naar ouders met schreeuwende, schoppende kinderen en denk je: Poeh, dat zou ik nóóit zo doen. 
Voed je kind eens op zeg!

We kunnen plannen en overleggen, discussiëren hoe wij als ouders het ooit gaan doen, maar eerlijk is eerlijk: het gaat niet zoals wij willen. Onze kinderen zijn niet beter opgevoed dan anderen en luisteren echt niet beter dan andermans kinderen. We denken misschien dat ouders om ons heen beter hun best zouden moeten doen, want dan zouden de kinderen niet zulk gedrag vertonen. Maar als je zelf een kindje krijgt, krijg je de waarheid hierover wel in je gezicht gesmeten!

Zo onschuldig

Ik heb al verteld in mijn post ‘Rondom Rosemarijns geboorte’ dat de eerste maanden van haar leven niet van een leien dakje gingen. We waren er dan ook dag en nacht mee bezig. Was het niet fysiek, dan wel mentaal. Omdat mijn mamabrein dacht dat ik haar elke seconde in de gaten moest houden, sliep ze bij ons op de kamer ‘s nachts en overdag sliep ze in de box of in de maxi cosi. Dat laatste omdat ze heel slecht in slaap viel, heel licht sliep en ik dus meteen paraat wilde staan en elke kans van haar níét horen, wilde vermijden. Als Rosemarijn huilde, kon het niet anders dan dat er iets was. Daarom gaf ik haar zoveel mogelijk wat ze volgens mij nodig had. Maar rond de tijd dat ze vier maanden oud was, ging het zoveel beter, dat ik andere dingen kon gaan proberen. Ik begon haar in haar eigen kamertje te leggen: ‘s nachts en overdag. En ja, ze krijste. Ze krijste nog steeds, ook al voelde ze zich duidelijk echt wel een stuk beter. Mijn instinct was om meteen alles van het lijstje af te lopen. Pijn? te koud? Te warm? Misselijk? voelt ze zich alleen? Honger?

De tijd vloog voorbij, maar ik bleef haar behandelen als de baby die ziek was. Mijn moeder zei op den duur: “Volgens mij is er niets meer aan de hand.” Pas toen ging ik even zitten en keek ik naar mijn dochter. Wanneer ze krijste, hoe ze krijste, waarom ze krijste… En toen ze ongeveer zes maanden was, besloten mijn man en ik dat het tijd was om gedrag te gaan corrigeren. Grommen en trappen als we haar wilden verschonen, krijsen als ze haar zin niet kreeg. Ze was er zo aan gewend dat mama meteen opsprong om haar te geven wat ze wilde, dat ze niet anders meer hóéfde te doen dan krijsen. Mama kwam wel en zo kreeg ze wat ze wilde. En zo niet, dan bleef ze krijsen totdat mama doorhad wat ze echt wilde.

Slimme draak!

Hoe meer aandacht ik eraan besteedde om te zien wat er nu echt gaande was, hoe meer ik zag dat haar wijze oogjes geen pijn meer aangaven, maar een heel sterk karaktertje. Tegendraadsheid. Bij het Consultatie Bureau werd me verteld dat dat echt niet kon: ze was te jong om te denken en deed dit allemaal echt niet bewust. Maar deze mama leerde haar dochter goed genoeg kennen om te weten dat dit geen onbewust gedrag was. Tuurlijk: ze deed het allemaal niet uit boosheid of om ons te pesten. Maar er kwam gedrag naar boven, ze probeerde ons uit. Een kind gaat (hoe jong ook) de grenzen verkennen. En vanaf dat moment ging het super. We wisten nu echt hoe we haar moesten opvoeden en corrigeren. Ha-ha! Niet dus. Het is elke dag weer een uitdaging en zo vaak vermoeiend, omdat we het gewoon even niet meer weten.

Een lang verhaal kort: Het is absoluut geen koud kunstje om je kind op de goede manier op te voeden. En…wat is góéd? Ieder kind is anders en bij ieder kind kan iets anders de juiste manier zijn. En die manier kan ook nog eens dagelijks verschillen. En dan is het niet vreemd dat mama of papa het even niet meer weet of aankan. En ja…dan ligt je kind gillend op de vloer in de supermarkt en voel je je beroerd. Maar hé, wat kan ik zeggen? Mijn uk is nog niet zo ver. Nóg niet. Ze gilt gewoon in het winkelkarretje.

Hoe denken jullie over opvoeden?

Mama Persoonlijk

Zou je dat nu wel zo doen?

Herken je het? De vragen die mensen je stellen over wat je met je kindje doet, op welke manier je het doet? Het maakt mij altijd zo onzeker. “Is dat niet veel te koud? Ze vat zo kou!” Ik ben een kersverse moeder (nou ja, nu ruim een jaar) maar ik trek het me nog steeds best wel aan als mensen mijn zorg zo in twijfel trekken. Ik voel me dan heel klein worden en begin snel te denken dat ik het helemaal niet goed doe, dat ik nog te weinig weet over het zorgen voor een mini mensje. Tja, misschien is het toch wel te koud. Ja, nee, ik weet het niet, misschien wel ja.

Nog maar één dag oud

“Nu al met hapjes beginnen? Joh, laat ze nog lekker van haar melkflesjes genieten.” Of “Geef je haar nu nog steeds elke dag twee flessen? Moet je nu onderhand niet gaan minderen dan?” Ik mag dan misschien een nieuwe mama zijn, maar ik ken mijn kindje het best. Jij kent jouw kindje het best. Ja toch? Jij voelt hem of haar aan, je zou nooit iets nalaten als je aanvoelt dat je kindje datgene juist nodig heeft. Ik merk dat oudere generaties vooral advies willen geven of zich afvragen of wij als moeders het niet anders moeten doen. Lastig vind ik dat, want ze hebben al zoveel ervaring meer dan ik, maar…dit is mijn kindje! Ik weet wat mijn kind nodig heeft. Iemand vertelde me een tijd geleden: “Zij hebben hun kans gehad, nu is het aan jou. Jij weet als moeder echt wel wat je moet doen of niet moet doen. Dus, als weer iemand iets in twijfel trekt (Is dat niet te koud?), trek het je niet aan, begin niet te twijfelen en word vooral niet boos. Zeg even niks, kijk naar de situatie, kijk naar je kindje en zeg dan luchtig: “Nee hoor, ik denk het niet. Maar bedankt voor je bezorgdheid.”

Bij mama was het toch wel heel fijn

De eerste drie/vier maanden van Rosemarijns leven waren voor ons heel erg stressvol. Na de drie weken in het ziekenhuis (ze werd uiteindelijk dus met 33 weken geboren en mocht met 36 weken naar huis) mocht ik van de verpleging gewoon kunstvoeding geven, geen probleem. Dus dat deden we. Met het kleine beetje moedermelk wat ik dagelijks nog gekolfd kreeg. Maar zodra dat minder werd en het meer en meer kunstvoeding werd, zagen we Rosemarijn achteruit gaan. Ze krijste dag en nacht, we kregen haar met geen mogelijkheid stil. We waren alle drie uitgeput en wisten het gewoon niet meer. Wat doet het toch vreselijk pijn om je kindje zo te zien en machteloos te moeten toekijken omdat je geen idee hebt wat er speelt. Ik ben er ontzettend onzeker door geworden en kon zelf ook niet veel meer hebben. Uiteindelijk zijn we bij een orthomoleculair therapeut terecht gekomen, die erachter kwam dat de voeding veel te zwaar was voor Rosemarijns darmen (door de stress rondom de geboorte waren haar darmen onderontwikkeld) en dat daarom haar darmen ontstoken waren. En hoe verder op de dag, hoe erger de pijn. Daarbij kwam dat ze een erg nieuwsgierig meisje was en alles wilde zien en horen. Je raad het al: overprikkeld. Dus aan het eind van de dag was ze helemaal op en kon ze dus de pijn van haar darmen niet meer aan. Er waren weinig dagen waarop ik niet verslagen en uitgeput op de bank zat te huilen met een huilende baby. Ik wilde geen hulp vragen, want als moeder moet je dit toch allemaal kunnen en weten wat je kind nodig heeft? De enige waar ik terecht kon voor mijn gevoel, was mijn eigen moeder. Daar kon ik even rusten, terwijl zij en mijn vader Rosemarijn een poosje verzorgden. Zij waren de enigen die me mochten helpen en vertellen wat ik nog meer kon doen of proberen. Andermans advies wilde ik niet. Dat voelde als falen. Dat deed pijn.

Toen we eindelijk wisten wat er aan de hand was en we daar een probiotica kuur voor kregen (helemaal natuurlijk, geen chemische medicatie) waren we opgelucht en kregen we weer hoop. Ze kreeg naast de kuur ook speciale lichtverteerbare voeding en opeens zagen we haar vooruit gaan! Een maand lang ben ik de deur niet uitgegaan en Rosemarijn dus ook niet. Toen ze ongeveer vier maand was en haar eerste hapjes mocht, was ze zo’n andere baby! Het leek wel alsof haar lichaam een enorme boost had gehad. Ze was zo vrolijk en leergierig, zo mooi!

Nu denk ik: Ik hoefde het helemaal niet zelf te doen, ik mocht gerust hulp vragen. Ik kon het allemaal nog niet weten, ook al voelde mijn lichaam aan dat er iets heel erg fout zat. Ook al deed mijn hart pijn en wilde ik alle verdriet en pijn van mijn dochter overnemen. Maar nu ik maanden verder ben, ken ik mijn meisje door en door. En weet je? Ik heb geen advies nodig. Het maakt onzeker, terwijl dat helemaal niet nodig heb. Ongevraagd advies, nee bedankt.

En even tussen ons…Ik moet zelf wel erg opletten dat ik zelf niet een ouwe moeke wordt en zélf ongevraagd advies geef. Want het is zo verleidelijk. Ik snap het ook wel van anderen; je doet het zo snel. Dus no hard feelings, maar deze mama kan het wel. Al doende leer ik het.

Hoe denken jullie hierover?