Browsing Tag

baby

Saturday Stories Zwangerschap

Saturday Stories: Mijn gevoel klopt!

Een verrassing

Het was zomer 2017, ik kwam thuis te zitten, zonder werk, met uiteenlopende redenen. Maar heb hier wel ook deels zelf voor gekozen, ik was niet gelukkig op deze plek, waardoor ik veel klachten kreeg, zowel lichamelijk als geestelijk.

Ik genoot van de rust, even genieten en niks moeten maar mogen. En de dagen en weken gingen voorbij en voor ik het wist was het november. Ik werd in één keer onzeker, ging weer twijfelen aan mezelf, want ik had allang ongesteld moeten worden. Maar zwanger zijn kon ik niet, ik zat gewoon aan de pil. Maar toch, toch twijfelde ik. Ik belde een vriendin van mij op, waarop ze zei: “Doe gewoon een test en dan weet je het zeker.”

Ik ging zo snel als ik kon naar de dicht bij zijnde drogisterij om maar liefst 2 zwangerschapstesten te halen. Je weet maar nooit, ze kunnen altijd fout uitpakken.
Eenmaal thuis deed ik gelijk de test en kon mijn ogen niet geloven! Zwanger! Ik wilde het niet geloven. Ik wachtte tot de volgende dag en deed mijn tweede test.  Er stond toch weer ‘zwanger’. Ik was er eigenlijk nog niet helemaal aan toe, maar toen het toch zover was..
Maar hoe ging ik dit vertellen aan mijn vriend? Ik heb een fles met slabber en een speen gekocht met: ‘I love papa’ Vervolgens heb ik dit op zijn nachtkastje neer gezet.

Hij kwam thuis van zijn werk, normaal loopt hij altijd door naar de slaapkamer om makkelijk kleding en schoenen aan te trekken maar dat deed hij dit keer niet! Hij merkte dat er iets was, hij voelde mijn spanningen en stress over deze situatie. En hij probeerde er alles aan te doen om maar te weten wat er was, terwijl ik maar dacht: loop nou maar door! Na een tijdje liep hij door en hoor ik niet veel later: “GEK! Dat meen je niet…”

“Helaas, it’s not a Joke, liefie”, was mijn antwoord. Ik ging naar de huisarts voor een verwijzing naar het ziekenhuis. Maar helaas ging dit gesprek niet helemaal zoals ik gehoopt had. Natuurlijk had er wel rekening mee gehouden maar toch… De huisarts adviseerde me om abortus te plegen. Dit door mijn medische geschiedenis met medicatie, dat ik ook op dat moment nog gebruikte. Daar was ik het niet helemaal mee eens. En gelukkig kreeg ik een goede gynaecoloog die met ons mee dacht en begeleidde van begin tot eind. Echt helemaal top!

Hopen en duimen

De zwangerschap ging voorspoedig de eerste maanden, ik had geen last van de welbekende kwaaltjes! Alleen spookte het door mijn gedachten heen: als het maar goed gaat met de kleine, zodat we geen keuze hoeven te maken over houden of weg laten halen. De gynaecoloog vertelde als alle controles tot en met de twintig weken goed zijn, hoef je geen zorgen te maken dat je kleine complicaties overhoud van de medicatie die je hebt gebruikt. De twintig weken echo kwam aan, de laatste echo waarvan we hopelijk het definitieve uitslag zouden horen. En in deze echo kregen we ook te horen wat we kregen: een jongen of een meisje.
En daar kwam het antwoord: “HIJ is GEZOND!” Het enige wat ik alleen nog maar kon doen was huilen, huilen van opluchting, blijdschap.

We zetten de zwangerschap voort, maar hoe verder ik kwam, hoe moeilijker ik het had.
Vocht vasthouden, heel veel moe, suikers in mijn urine, hoofdpijn, veel gal overgeven, hoge hartslag… Soms zo hoog dat ik na elke meter even moest bijkomen. Zelfs een keer overgegeven aan terwijl ik aan de monitor lag! Hij sloeg zo hoog uit dat er een heel artsen team om me heen stond! Oeps, dat was nou ook weer niet de bedoeling. Maar gelukkig met de kleine man ging het goed. Week 39 brak aan. Mijn vriend dacht dat ik tussen de 41 à 42 weken zou bevallen. Maar ik dacht er anders over en mijn gevoel al helemaal! Ik sprak mijn gevoel en gedachten uit: “Ik denk dat we binnen nu en 1 week bevallen en dat het uitloopt op een keizersnee.”

En jawel het was zondagavond was toen 39 + 4 dagen, toen de welbekende slijmprop verloor. Ik zei tegen mijn vriend: “Nu gaat het wel echt heel snel gebeuren want mijn slijmprop is weg.” Maar hij was nog steeds zo nuchter als een peer. Het was 02:00 uur in de nacht, ik draaide me om in bed en het werd nat. Eerst dacht ik: ik plas in bed! Maar dat kon niet want meestal ga ik er dan uit. Ik draaide om naar mijn vriend en weer een volle lading! Ik tikte hem aan en zei: “Het is begonnen, mijn vliezen zijn gebroken!” Hij sprong uit bed, deed het licht aan en duwde mijn benen open, ik moest heel hard lachen en vroeg: “Wat doe jij nou?” Hij wilde weten of de kleine in het vruchtwater had gepoept.

Het ging nu echt gebeuren!

We gingen naar het ziekenhuis, want een thuisbevalling kon helaas niet omdat ik daar geen indicatie voor had. Helaas duurde alles heel erg lang waardoor ik een ruggenprik en weeënopwekkers  kreeg. Zelfs hiermee kreeg ik nauwelijks ontsluiting, maar dat vond ik het minst erge. Zowel ik als mijn kleine man reageerde op de opwekkers, waardoor er ingegrepen werd. En er werd gezegd dat ik een spoedkeizersnede kreeg. Binnen 1 uur lag ik op de OK. Gelukkig kon ik nog wel een grap maken. Maar ondanks dat was is ik ook wel teleurgesteld. Alles verliep anders dan wat ik het liefst had gewild: ik wilde het liefst op eigen kracht bevallen.  Maar ondanks dat het een spoedkeizersnee werd, kwam er een gezond mannetje op de wereld op 23 juli 2018 om 12:15 uur met een hoge score van 2x een 10 en een 9, met het gewicht van 3470 gram. Met de naam: Pepijn (Robert Albert).

Angstige tijden

Maar ons geluk was maar van korte duur. Na ruim 3 weken werd ons mannetje ziek, zo ziek dat hij bloed spuugde! Ik vertrouwde het niet en belde met de spoedhuisarts. Heel de nacht in de weer geweest, maar uiteindelijk kregen we te horen dat ze dachten dat hij een virus had en het moesten aankijken. Maar het spugen hield niet op, letterlijk alle flesvoedingen kwam er volledig uit. In de avond belde ik weer, maar werd weer afgedankt. Voelde me totaal niet gehoord en ging het op een ander boeg gooien. Dinsdagochtend belde ik de huisarts op, deed m’n verhaal en die vertrouwde het ook niet goed, zeker niet omdat ik zei dat ik bang was dat hij straks uitgedroogd was. Zijn plas luiers ging met een rap tempo achteruit.

Die avond werd hij opgenomen en werd er nog een test gedaan om zijn flessen te verdikken. Misschien had hij verborgen reflux, maar ook zijn verdikte voeding kwam er die nacht eruit. En er werd een echo van zijn maag gemaakt, daarop was snel te zien dat hij pylorus had; een vernauwing van maag naar de darmen toe. Dus het enige manier om voeding uit de maag te laten komen was overgeven. Toen viel het op zijn plek. Maar dat betekende wel dat hij hieraan geopereerd moest worden. We moesten wel naar een academische ziekenhuis toe, want in het ziekenhuis waar we waren, waren ze daar niet in gespecialiseerd. Donderdag gingen we met de ambulance naar Nijmegen toe: een tocht van 1 uur. Gelukkig kon hij dezelfde avond nog geholpen worden. Ik was ook blij dat mijn familie hier bij was.

Bij Nijmegen had ik wel een beladen gevoel, aangezien hier mijn te vroeg geboren nichtje is geboren en uiteindelijk na 8 weken overleden is aan een bloedvergiftiging. Die arts die haar had geopereerd, opereerde die avond ook mijn kleine man. Net of het zo had moeten zijn, voelde ook wel weer goed, net of mijn nichtje zei: “Je moet naar Nijmegen gaan, want de arts die mij opereerde gaat jou ook opereren.” Gelukkig is deze operatie geslaagd en groeit hij nu als kool!

Wil je meer van Maartje en Pepijn zien en lezen? Je kunt hen op Instagram volgen: @maartje_delaat

Mama

Opvoeden; een koud kunstje

Goed, opvoeden dus. Nee. Geen koud kunstje. Als niet-ouder kijk je zo gauw met opgetrokken neus naar ouders met schreeuwende, schoppende kinderen en denk je: Poeh, dat zou ik nóóit zo doen. 
Voed je kind eens op zeg!

We kunnen plannen en overleggen, discussiëren hoe wij als ouders het ooit gaan doen, maar eerlijk is eerlijk: het gaat niet zoals wij willen. Onze kinderen zijn niet beter opgevoed dan anderen en luisteren echt niet beter dan andermans kinderen. We denken misschien dat ouders om ons heen beter hun best zouden moeten doen, want dan zouden de kinderen niet zulk gedrag vertonen. Maar als je zelf een kindje krijgt, krijg je de waarheid hierover wel in je gezicht gesmeten!

Zo onschuldig

Ik heb al verteld in mijn post ‘Rondom Rosemarijns geboorte’ dat de eerste maanden van haar leven niet van een leien dakje gingen. We waren er dan ook dag en nacht mee bezig. Was het niet fysiek, dan wel mentaal. Omdat mijn mamabrein dacht dat ik haar elke seconde in de gaten moest houden, sliep ze bij ons op de kamer ’s nachts en overdag sliep ze in de box of in de maxi cosi. Dat laatste omdat ze heel slecht in slaap viel, heel licht sliep en ik dus meteen paraat wilde staan en elke kans van haar níét horen, wilde vermijden. Als Rosemarijn huilde, kon het niet anders dan dat er iets was. Daarom gaf ik haar zoveel mogelijk wat ze volgens mij nodig had. Maar rond de tijd dat ze vier maanden oud was, ging het zoveel beter, dat ik andere dingen kon gaan proberen. Ik begon haar in haar eigen kamertje te leggen: ’s nachts en overdag. En ja, ze krijste. Ze krijste nog steeds, ook al voelde ze zich duidelijk echt wel een stuk beter. Mijn instinct was om meteen alles van het lijstje af te lopen. Pijn? te koud? Te warm? Misselijk? voelt ze zich alleen? Honger?

De tijd vloog voorbij, maar ik bleef haar behandelen als de baby die ziek was. Mijn moeder zei op den duur: “Volgens mij is er niets meer aan de hand.” Pas toen ging ik even zitten en keek ik naar mijn dochter. Wanneer ze krijste, hoe ze krijste, waarom ze krijste… En toen ze ongeveer zes maanden was, besloten mijn man en ik dat het tijd was om gedrag te gaan corrigeren. Grommen en trappen als we haar wilden verschonen, krijsen als ze haar zin niet kreeg. Ze was er zo aan gewend dat mama meteen opsprong om haar te geven wat ze wilde, dat ze niet anders meer hóéfde te doen dan krijsen. Mama kwam wel en zo kreeg ze wat ze wilde. En zo niet, dan bleef ze krijsen totdat mama doorhad wat ze echt wilde.

Slimme draak!

Hoe meer aandacht ik eraan besteedde om te zien wat er nu echt gaande was, hoe meer ik zag dat haar wijze oogjes geen pijn meer aangaven, maar een heel sterk karaktertje. Tegendraadsheid. Bij het Consultatie Bureau werd me verteld dat dat echt niet kon: ze was te jong om te denken en deed dit allemaal echt niet bewust. Maar deze mama leerde haar dochter goed genoeg kennen om te weten dat dit geen onbewust gedrag was. Tuurlijk: ze deed het allemaal niet uit boosheid of om ons te pesten. Maar er kwam gedrag naar boven, ze probeerde ons uit. Een kind gaat (hoe jong ook) de grenzen verkennen. En vanaf dat moment ging het super. We wisten nu echt hoe we haar moesten opvoeden en corrigeren. Ha-ha! Niet dus. Het is elke dag weer een uitdaging en zo vaak vermoeiend, omdat we het gewoon even niet meer weten.

Een lang verhaal kort: Het is absoluut geen koud kunstje om je kind op de goede manier op te voeden. En…wat is góéd? Ieder kind is anders en bij ieder kind kan iets anders de juiste manier zijn. En die manier kan ook nog eens dagelijks verschillen. En dan is het niet vreemd dat mama of papa het even niet meer weet of aankan. En ja…dan ligt je kind gillend op de vloer in de supermarkt en voel je je beroerd. Maar hé, wat kan ik zeggen? Mijn uk is nog niet zo ver. Nóg niet. Ze gilt gewoon in het winkelkarretje.

Hoe denken jullie over opvoeden?

Baby Persoonlijk

Rondom Rosemarijns geboorte

Jullie vroegen mij wat persoonlijks te schrijven voor op de blog. Misschien kennen jullie het verhaal (gedeeltelijk) al, maar here it is…


De zwangerschap

De zwangerschap verliep soepel en we genoten met volle teugen. Het enige wat vervelend was, was dat ik best last van bekkeninstabiliteit kreeg. Daarom stopte ik met werken toen ik 28 weken was.
Toen ik bijna 31 weken zwanger was, kreeg ik last van nachtelijke weeën. Het waren vooral rugweeën, maar het trok ook wel door naar mijn buik. De verloskundige vertelde me dat er niets ergs aan de hand was; het waren maar oefenweeën en zolang ze niet erger werden of overdag ook doorgingen, hoefde ik me geen zorgen te maken.

32 weken

Het was een normale zaterdag, toen ik precies 32 weken zwanger was. We zouden in de ochtend wat gaan helpen bij de zus van mijn man; zij waren bezig met hun nieuwe huis verbouwen. In de middag zouden we een familieactiviteit doen. Die ochtend waren we allemaal druk in de weer in het huis van mijn schoonzus. Ik schilderde radiatoren met de rest van de familie, terwijl anderen bezig waren met wanden zetten op de bovenverdieping. Ik besloot even te rusten en wilde gaan zitten op een tuinstoel, maar de stoel kantelde en ik zakte bijna door de stoel heen. Met alle macht probeerde ik me omhoog te houden en gebruikte daarvoor veel van mijn buikspieren. Dit voelde ik meteen; het deed me erg pijn. Daarom (en ook om mijn bekkeninstabiliteit) besloot ik niet mee te doen met de familieactiviteit; een speurtocht over de heide. Ik bleef bij het eindpunt zitten wachten op de rest van de familie.

Toen begon het

Zoals alle voorgaande nachten kreeg ik die nacht weer weeën. Maar…die weeën stopten niet. Die hele zondag bracht ik in bed door, wachten van wee op wee. Ik ging zelfs nog even in bad zitten om te ontspannen en toen het die avond tijd was om naar de kerk te gaan, vertrok mijn man met zijn mobiel op zak (het zal wel niet nodig zijn, maar je weet nooit). Hij was nog geen half uur weg, toen ik besloot de verloskundige te bellen, omdat ik de weeën vervelend begon te vinden (geen baby onderweg, maar wel steeds pijn). Toen ze opnam, begon ze meteen te brullen: “Hoor ik je nu weeën wegpuffen? Blijf daar, ik kom er nú aan!” Nog geen 10 minuten later kwam ze binnen en zag ze dat ik 4 centimeter ontsluiting had. We appten mijn man dat we naar het ziekenhuis gingen, dus dat hij direct naar huis moest komen. In alle rust pakte ik een tas met spullen, want ik ging bevallen. Alsof dat niks was. In het ziekenhuis aangekomen, een half uur later, had ik al 8 centimeter ontsluiting. Voor de zekerheid kreeg ik nog weeënremmers, maar ze wisten wel zeker dat ik ging bevallen die nacht. Die nacht bleef het nieuws veranderen. Je gaat bevallen! Nee, toch niet. Ja! Nee! UIteindelijk leek het erop dat de remmers hadden gewerkt, dus bleef ik ze nog drie dagen krijgen. Ook kreeg ik longrijpers toegediend voor de baby. Ik moest in het ziekenhuis blijven met 8 centimeter ontsluiting en ongebroken vliezen. Op den duur mocht ik het bed niet meer uit om naar de wc te gaan; stel je voor dat de baby eruit zou floepen. Die hele week bleef het wel rommelen (mini weeën, niks serieus), maar uiteindelijk met precies 33 weken, op zaterdag, voelde ik toch weer wat opkomen. Ik werd aan de monitor gelegd, waar te zien was dat de hartslag van de baby steeds daalde. Ik belde mijn man die middag, dat hij maar moest komen, omdat ik het spannend vond. Het was iets zorgelijks, toch?

Om vier uur werd ik eindelijk een verloskamer ingebracht, waar de gynaecoloog toch even wilde checken. Ze was nog geen seconde bezig met mijn ontsluiting checken, toen ze zei: “Je hebt negen centimeter, ik ga nu je vliezen breken.” Op het moment dat ze het zei, deed ze het. Direct werden er weeënopwekkers aangesloten, want het werd wel wat spannender voor de baby. Een enorme weeënstorm begon en ik wist niet meer waar ik het zoeken moest. Ik dacht dat ik dood zou gaan en niemand kon me echt rustig krijgen. Ik gaf geen kik, maar was zó bang! Om 1 minuut voor half 6 verdoofde de gynaecoloog mij, voor het geval ik ingeknipt moest worden. Ik riep dat ik dat niet wilde, maar kreeg een perswee en…KNIP. De knip werd gezet en op hetzelfde moment werd onze Rosemarijn geboren. Ze werd even op mijn borst gelegd, maar ik had het amper door. Nog geen 10 seconden. Toen werd ze weggehaald voor controle. Een klein wezentje van 44 centimeter lang en 2210 gram. Ik dacht dat alles voorbij was, maar toen moesten de moeilijkste weken en maanden nog beginnen!

Zoveel pijn!

Rosemarijn moest 3 weken in het ziekenhuis blijven voor observatie, omdat ze soms vergat te ademen, als ze diep in slaap was. Verder was ze een ontzettend sterk meisje en zo nieuwsgierig! Toen ze precies 36 weken was (3 weken na de bevalling dus) mochten we haar meenemen. Wat waren we blij! Ik was het zat om 3 weken lang elke dag van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat naast haar bedje te zitten; alleen en moe, met regelmatige heftige angstaanvallen. En ik voelde me nu al falen aks mama, omdat Rosemarijn niet sterk genoeg was om bij mij te drinken en ik veel te weinig melkproductie had. Little did I know…the worst had yet to come.

11 dagen oud

Omdat Rosemarijn het verder zo goed deed, kregen we het advies van het ziekenhuis om gewoon alle gekolfde voeding op te maken, te blijven kolven zolang het ging en verder aan te vullen met flesvoeding. Dat deden we. Maar omdat ik zelf zo weinig voeding had, kreeg ze steeds meer flesvoeding. En hoe meer ze dat kreeg, hoe slechter het met haar ging. Ze huilde dag en nacht, krijste, overstrekte…We wisten ons geen raad. We probeerden van alles; meer warmte, meer huid-op-huid contact, een manueel therapeut…niks hielp. UIteindelijk kwamen we terecht bij een orthomoleculair therapeut. Die wist ons te vertellen dat Rosemarijns darmen te zwak waren voor deze flesvoeding. De voeding viel haar te zwaar. Hierdoor waren haar darmen ontstoken en had ze constant pijn. En hoe verder de dag vorderde, hoe erger de pijn en dus het huilen. Want naast de ontstoken darmen, was ze ook erg snel overprikkeld. En laat het nu net zo zijn dat ze alles wilde zien en horen, hoe moe en overprikkeld ze ook was! We kregen probiotica mee en moesten haar lichtverteerbare voeding geven, speciaal voor prematuurtjes. Dat na 3 maanden pijn en huilen.

Een ander kind

Bijna 1 jaar!

Toen Rosemarijn ongeveer 4 maanden oud was, zagen we niks meer van het zwakke, tere meisje terug. Wat een vrolijk meisje en wat wilde ze al veel! Als het aan haar lag, ging ze al staan. Liggen was voor baby’s en zij was die fase al voorbij. Haar hoofdje wilde al zoveel meer dan haar lijfje kon. Het leek alsof ze een enorme spurt maakte.
En nu is er niks meer te zien van de strijd die ze gestreden heeft.

Ons meisje, ons wondertje.


Mama Persoonlijk

Zou je dat nu wel zo doen?

Herken je het? De vragen die mensen je stellen over wat je met je kindje doet, op welke manier je het doet? Het maakt mij altijd zo onzeker. “Is dat niet veel te koud? Ze vat zo kou!” Ik ben een kersverse moeder (nou ja, nu ruim een jaar) maar ik trek het me nog steeds best wel aan als mensen mijn zorg zo in twijfel trekken. Ik voel me dan heel klein worden en begin snel te denken dat ik het helemaal niet goed doe, dat ik nog te weinig weet over het zorgen voor een mini mensje. Tja, misschien is het toch wel te koud. Ja, nee, ik weet het niet, misschien wel ja.

Nog maar één dag oud

“Nu al met hapjes beginnen? Joh, laat ze nog lekker van haar melkflesjes genieten.” Of “Geef je haar nu nog steeds elke dag twee flessen? Moet je nu onderhand niet gaan minderen dan?” Ik mag dan misschien een nieuwe mama zijn, maar ik ken mijn kindje het best. Jij kent jouw kindje het best. Ja toch? Jij voelt hem of haar aan, je zou nooit iets nalaten als je aanvoelt dat je kindje datgene juist nodig heeft. Ik merk dat oudere generaties vooral advies willen geven of zich afvragen of wij als moeders het niet anders moeten doen. Lastig vind ik dat, want ze hebben al zoveel ervaring meer dan ik, maar…dit is mijn kindje! Ik weet wat mijn kind nodig heeft. Iemand vertelde me een tijd geleden: “Zij hebben hun kans gehad, nu is het aan jou. Jij weet als moeder echt wel wat je moet doen of niet moet doen. Dus, als weer iemand iets in twijfel trekt (Is dat niet te koud?), trek het je niet aan, begin niet te twijfelen en word vooral niet boos. Zeg even niks, kijk naar de situatie, kijk naar je kindje en zeg dan luchtig: “Nee hoor, ik denk het niet. Maar bedankt voor je bezorgdheid.”

Bij mama was het toch wel heel fijn

De eerste drie/vier maanden van Rosemarijns leven waren voor ons heel erg stressvol. Na de drie weken in het ziekenhuis (ze werd uiteindelijk dus met 33 weken geboren en mocht met 36 weken naar huis) mocht ik van de verpleging gewoon kunstvoeding geven, geen probleem. Dus dat deden we. Met het kleine beetje moedermelk wat ik dagelijks nog gekolfd kreeg. Maar zodra dat minder werd en het meer en meer kunstvoeding werd, zagen we Rosemarijn achteruit gaan. Ze krijste dag en nacht, we kregen haar met geen mogelijkheid stil. We waren alle drie uitgeput en wisten het gewoon niet meer. Wat doet het toch vreselijk pijn om je kindje zo te zien en machteloos te moeten toekijken omdat je geen idee hebt wat er speelt. Ik ben er ontzettend onzeker door geworden en kon zelf ook niet veel meer hebben. Uiteindelijk zijn we bij een orthomoleculair therapeut terecht gekomen, die erachter kwam dat de voeding veel te zwaar was voor Rosemarijns darmen (door de stress rondom de geboorte waren haar darmen onderontwikkeld) en dat daarom haar darmen ontstoken waren. En hoe verder op de dag, hoe erger de pijn. Daarbij kwam dat ze een erg nieuwsgierig meisje was en alles wilde zien en horen. Je raad het al: overprikkeld. Dus aan het eind van de dag was ze helemaal op en kon ze dus de pijn van haar darmen niet meer aan. Er waren weinig dagen waarop ik niet verslagen en uitgeput op de bank zat te huilen met een huilende baby. Ik wilde geen hulp vragen, want als moeder moet je dit toch allemaal kunnen en weten wat je kind nodig heeft? De enige waar ik terecht kon voor mijn gevoel, was mijn eigen moeder. Daar kon ik even rusten, terwijl zij en mijn vader Rosemarijn een poosje verzorgden. Zij waren de enigen die me mochten helpen en vertellen wat ik nog meer kon doen of proberen. Andermans advies wilde ik niet. Dat voelde als falen. Dat deed pijn.

Toen we eindelijk wisten wat er aan de hand was en we daar een probiotica kuur voor kregen (helemaal natuurlijk, geen chemische medicatie) waren we opgelucht en kregen we weer hoop. Ze kreeg naast de kuur ook speciale lichtverteerbare voeding en opeens zagen we haar vooruit gaan! Een maand lang ben ik de deur niet uitgegaan en Rosemarijn dus ook niet. Toen ze ongeveer vier maand was en haar eerste hapjes mocht, was ze zo’n andere baby! Het leek wel alsof haar lichaam een enorme boost had gehad. Ze was zo vrolijk en leergierig, zo mooi!

Nu denk ik: Ik hoefde het helemaal niet zelf te doen, ik mocht gerust hulp vragen. Ik kon het allemaal nog niet weten, ook al voelde mijn lichaam aan dat er iets heel erg fout zat. Ook al deed mijn hart pijn en wilde ik alle verdriet en pijn van mijn dochter overnemen. Maar nu ik maanden verder ben, ken ik mijn meisje door en door. En weet je? Ik heb geen advies nodig. Het maakt onzeker, terwijl dat helemaal niet nodig heb. Ongevraagd advies, nee bedankt.

En even tussen ons…Ik moet zelf wel erg opletten dat ik zelf niet een ouwe moeke wordt en zélf ongevraagd advies geef. Want het is zo verleidelijk. Ik snap het ook wel van anderen; je doet het zo snel. Dus no hard feelings, maar deze mama kan het wel. Al doende leer ik het.

Hoe denken jullie hierover?