Met de mond vol tanden: pestgedrag in de speeltuin

Ruim een week geleden vertelde ik dat ik met een mond vol tanden stond, want een vreemde vrouw nam Rosemarijn zomaar mee. Iets waar ik niet blij mee ben, want ik had heel anders willen reageren. Vandaag overkwam me weer iets, waardoor ik niets wist te zeggen. Dit keer lekker dicht bij huis: in de speeltuin, die tegenover ons huis ligt. Lees je mee?

Gisteren heb ik bijna twee uur met Rosemarijn in de speeltuin gezeten. Een vrouw uit de buurt met haar kleindochter, was er ook. Wij kenden elkaar, dus hadden lekker veel gespreksstof. Het kindje wilde ondertussen graag met Roos samenspelen, maar voor Rosemarijn is dat nog iets nieuws. Ze vindt het nog erg spannend, waardoor ze soms al begon te brullen zodra het kindje haar kant op kwam. Gelukkig kreeg het meisje (een half jaar ouder) dat al gauw door en ging ze alleen spelen. Dat is precies wat Roos dan nodig heeft. Ze wil de tijd krijgen om eraan te wennen dat ze niet de enige in de speeltuin is en op haar tempo leert ze dat samen spelen heel erg leuk is. Dus zodra het kindje haar met rust liet, ging Rosemarijn zelf naar haar toe en speelden ze leuk samen! 

Het beviel me zo, een poosje lekker ontspannen in de speeltuin zijn, kletsen en spelen, dat ik vanmorgen besloot weer te gaan. Dus na het ontbijt, pakte ik wat zandbakspeelgoed en gingen we (ik lopend, Roos op haar loopfiets) naar de speeltuin. Het eerste half uur waren we alleen en kon Rosemarijn doen en laten wat ze wilde. Maar op den duur kwamen er ook andere kindjes. Ook een meisje van drie jaar met haar ouders. Ze speelde een stukje verderop, dus we hadden geen last van haar. Totdat ze besloot dat ze in het zand wilde spelen, bij de glijbaan, waar wij zaten. We hadden een hele rij mooie zandtaartjes gemaakt en een gat gegraven. De ouders van het meisje kwamen met haar mee. Onbekenden voor mij, maar dat is leuk: zo leer je mensen kennen in de buurt! 

Het meisje kwam aanrennen, trapte onze taartjes kapot, zonder veel protest van de ouders. Ondertussen vertelde ik Rosemarijn dat het meisje gerust met ons speelgoed mocht spelen: samen spelen, samen delen. Zelf speelt ze namelijk ook graag met andermans speelgoed. Na het kapot schoppen van onze taartjes, pakte het meisje de fiets van Roos en rende daarmee weg. Ze zette ‘m helemaal aan de andere kant van de speeltuin neer. Roos had meteen een meltdown, want dat was haar fietsje! De ouders vertelden het meisje lieflijk dat ze het fietsje terug moest brengen, wat ze weigerde. Dus brachten de ouders het fietsje zelf terug. Ondertussen schopte het meisje het gegraven gat vol zand en noemde Rosemarijn een ‘stom kind’ en een ‘stout meisje’.
Rosemarijn stond met open mond te kijken, besloot het zand en het speelgoed maar te laten liggen en liep naar de glijbaan. Het meisje van drie jaar kreeg het door, liet alles vallen en duwde Roos aan de kant. Zo. Hoppa. Ze klom op de glijbaan, terwijl ze weer vervelende dingen over Rosemarijn zei. De ouders reageerden er wel op, maar ondertussen werd ze over haar hoofd geaaid en geholpen op de glijbaan. Volgens mij gaf dat absoluut niet het idee dat wat ze deed, niet oké was. Ik vond het erg jammer. En zodra ze van de glijbaan was, pakte ze opnieuw het fietsje van Rosemarijn en rende ermee weg. 

Ik wist werkelijk niet wat ik moest doen. De ouders van het kind waren er immers bij: zij moesten haar corrigeren. Ik heb een sip Rosemarijntje haar laarsjes aan gedaan, alle spullen gepakt (terwijl het meisje daarom begon te gillen, want ze wilde daarmee spelen) en ben naar huis gegaan. 
Ik zit nu nog steeds te bedenken of er iets is wat ik had kunnen of moeten zeggen. Wat zouden jullie gedaan hebben in deze situatie?

Hebben jullie trouwens al gezien dat wij een toffe nieuwe look in ons huis hebben?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *